Oerend Smart | Zoeken naar parels

  Column

Focus. Dat is de basis van elke ontdekking. En opmerkzaamheid. Wanneer ik wandel speur ik rond. Ik zoek. Al weet ik vaak niet waarnaar. Ik let op oneffenheden, onregelmatigheden, afwijkende kleuren, een specifiek geluid, een geur. En eigenlijk is er dan altijd wel iets moois of bijzonders te ontdekken. Al is dat heel subjectief: iets bijzonders is soms iets alledaags, wat me nog niet eerder is opgevallen.

Zo liep ik vorige week ’s avonds nog een rondje bij de Koolmansdijk. De roze en paarse orchideeën zijn ondertussen al niet meer bijzonder. Ik zie ze overal in de Achterhoek in steeds grotere getale. Maar de dunne lijntjes op de (vaak) roze blaadjes blijf ik fascinerend vinden. Om die tekening te zien, moet ik stil staan en door m’n knieën. Ik hou ervan om een tijdje stil op m’n hurken te zitten en rond te spieden. Ik blijf trouwens wel op het pad. Steeds vaker zie ik een vertrapt spoor door de planten richting orchideeën. Het is en blijft kwetsbaar natuurgebied. Wees voorzichtig en kijk van een afstandje! Ook dan is er voldoende op te merken.

Aan de Koolmansdijk valt mijn oog op een wit plantje. Het lijkt ook een orchidee, maar deze ken ik nog niet. Ik strek mijn arm en maak een foto. ’s Avonds plaats ik de foto nietsvermoedend op Twitter. Direct een reactie: de zeldzame welriekende nachtorchis! Een paar avonden later loop ik er weer. Nu zie ik ze opeens overal! En dan valt me nog een orchidee op: ook wit, maar met iets groen-roze. Ik pak m’n app erbij: de moeraswespenorchis! Opnieuw een zeldzame soort! Langs het pad richting mijn auto komt er een zoete geur op me af. Naast het pad bloeit een wilde kamperfoelie. Wat een rijkdom, zo dichtbij huis.

Dit weekend wandel ik langs de Duitse grens. Bij het Zwillbrock is het rond etenstijd heel stil. Ik sta helemaal alleen in de vogelkijkhut naar de flamingo’s te kijken, die rustig hun eten bij elkaar scharrelen. Ik realiseer me dat ik de flamingo’s al bijna gewoon begin te vinden. Maar dat is het natuurlijk allerminst! En zeker na de twee droge zomers waarop ze al snel weer vertrokken waren en er geen jongen zijn geboren, is het nu prachtig om te zien dat er zachte witte bolletjes naast de grote roze exemplaren lopen.

Bij het Wooldse veen loop ik een jongen met een camera tegen het lijf. Nou ja, bijna.. hij laat me passeren op het smalle vlonderpaadje. Hij tuurt over het veen. Ik kijk ook die kant op. Nieuwsgierig vraag ik hem of hij iets speciaals zoekt. Ja. Hij is helemaal vanuit Den Bosch naar het uiterste puntje van de Achterhoek gekomen omdat hier een hele zeldzame libel leeft: de hoogveenglanslibel. Net als hij kijk ik rond over het veen. Dan zie ik links in mijn ooghoek een grote zwarte libel aan komen vliegen. ‘Daar!’ roep ik en steek m’n vinger uit. ‘Dat is hem!’ zegt hij enthousiast. De camera klikt. ‘Heb je hem?’ vraag ik. ‘Onscherp.’ Maar we zagen hem wel! Met een grote grijns kijken we elkaar aan. Dit moment: goud.

Linda Commandeur zorgt als katalysator in processen voor vertrouwen vanuit beweging

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden