Lochems landgoed
We lopen langs de oude bomen
ons weemoedig te voelen.
Houden bespiegelingen tegen het licht
en de lucht van ondergaande wolken
en de zon.
Zien met toegeknepen ogen
weer andere lijnen, rafelranden,
vissersnetten, nieuw vuur en kleuren
dieper dan vermoed
tussen de takken.
Daarna, verderop, in de bebouwde
kom, verschuilen we ons achter
dubbel glas: een zonnebril, een cocktail.
Aperitief in reverse, om te proosten
op de toekomst die er was.
Terwijl de avond de lucht in kruipt
klinkt het schuiven van een stoel
op het terras. Morgen zullen we
weer een pad inslaan, een stem
van een onbekende herkennen
en opnieuw beginnen met praten.
Alsof niemand ooit verdween –
omdat ontmoeten misschien
precies dat is:
elkaar even vasthouden
terwijl alles verdergaat.