
Eppie Valkeman, de schrijver van het stuk, vervult ook de rol van postbode in De Drie Kieften. Foto: Wim Wichers
De mythes van De Drie Kieften leven weer
CultuurHARFSEN - De Drie Kieften was iets wonderlijks, op de grens Joppe-Harfsen. Een boerderij én café ineen. Het kent vele mythes. Linkse anarchisten zouden het met geweld gekraakt hebben, er zou zelfs een moord zijn gepleegd. De Veldhoekers brachten een openluchtspel erover. We vroegen Harfsense ‘kronikeur’ André Valkeman de voorstelling te bezoeken met de vraag: wat is waar?
Door André Valkeman
‘Daar kwamen in groten getale voerlieden, handelaars, marskramers, kwakzalvers, muzikanten en vrouwvolk…’ Zie, De Drie Kieften, ze staat nog vermeld als erfgoed in Mijn Gelderland, dat de Gelderse geschiedenis bijhoudt.
Al sinds circa 1650 was het een roemruchte herberg. Hier, op deze plaats bij de boerderij die letterlijk de arena van het toneelstuk is. Vroeger, in de tijd van paard en wagen, trokken handelaren uit Duitsland en de diepe Achterhoek via de Harfsense Lochemseweg naar Deventer. Of nog verder, naar pakweg Harderwijk of Amsterdam. Snelwegen waren er niet, de Lochemseweg was de levensader naar het westen toe.
Bij De Drie Kieften lastten handelaren vaak een overnachting in, ze dronken een kloare met suuker, brandewijn of bier bij het haardvuur. Kropen dan in een bedstee en schrokken ’s nachts vaak wakker door het geknor van varkens of geloei van koeien die in dezelfde ruimte als zij op stal bleken te staan.
De Drie Kieften was al leeg en opgedoekt, toen ik in 1987 geboren in werd. Ik zat in Joppe op school en kwam er vaak langs. Het was dat pand van dichtgetimmerde ramen, later hingen er lakens voor de ruiten. Het lag eraan bij wie je in de auto zat welk verhaal er verteld werd. Maar of het nu mijn oom, tante, opa, oma, vader of moeder was, niemand passeerde De Drie Kieften zonder er al autorijdend iets aan te wijden. Daor is nog een keer… En toen gebeurde dat… Jao, dat was wat.
Van die dynamiek maakte de schrijver van het stuk Eppie Valkeman optimaal gebruik. Gelukkig werd ik gevraagd een reportage te maken in de ik-stijl en bijvoorbeeld geen recensie. Valkeman beoordeelt Valkeman, dat is wel erg klef en niet zo onafhankelijk. Eppie is een neef van mijn vader, een vader die overigens ook de notaris in het stuk speelt. Ja, naast Enderink en Wichers telt Harfsen (voor sommigen helaas) best veel Valkemannetjes.
De notaris (Gerrit Valkeman) moet De Drie Kieften verkopen, dat vormt de motor van het toneelstuk Reuring bie de Drie Kieften. Het appelleert aan iets waargebeurds uit 1983, weet ik via mijn opa. Boerenfamilie Ten Have runde De Drie Kieften als laatste. Er brak daar een generatie aan van een zus met drie broers. Ze trouwden alle vier niet, kregen geen kinderen. De jongste, bijgenaamd Jan van de Kievit, bleef over op de boerderij. In 1983 overleed hij plotseling, ik dacht aan een hartstilstand. Een opvolger was er niet, het unieke deed zich voor dat het café met boerderij geen opvolger en erfgenaam had, het werd geveild.
In het stuk heten de boeren Bestink (Derk-Jan Pelgrum), Velsman (Cees-Jan van de Pieterman) en Wensink (Wim Makkink), destijds waren de namen anders. Alleen de vurige strijd die het toneelstuk toont, was er toen. Alle boeren in de omgeving wilden groeien en aasden op de vele hectares grond die De Drie Kieften nu vrijgraf. Daar kon ook op geboden worden, bij die roemruchte veiling.
In het stuk nemen de omliggende boeren, per toerbeurt, een dagdeel waar op de boerderij en het café. Zodat-ie na het overlijden van de jongste zoon doordraait. Hier start de fictie en daarmee het blijspel dat lachsalvo’s laat klateren. Zo is er nog een mannetjesvarken, een beer, op de boerderij die graag dekt. Of zoals boerin Johanna (Gerrie Enderink) zegt: “D’r is een beer en den hef er wel zin an.”
Op de dag dat boer Wensink met zijn varken Truus naar de beer wil, komt pardoes ook de notaris de inboedel taxeren. Hij moet in het café zijn maar loopt per abuis het hok van de beer binnen.
Als boer Wensink Truus wil laten dekken is het te laat. De zaal ziet het niet, maar in het hok ‘lig-e veur pampus’ nadat de notaris even daarvoor naar buiten kwam. Bestialiteit is van alle tijd, blijkt.
Tussen alle toerbeurten van boeren fietst altijd die postbode Egbert (Eppie Valkeman) door. Hoe hij de brieven weer zo gesloten krijgt, dat het lijkt alsof ze niet open zijn geweest weet niemand. Postbode Egbert leest thuis namelijk eerst even de post die hij langs brengt. Als boer Velsman uitlegt dat hij niet zomaar privacyrecht kan schenden, countert de fietsenbode: “Jij wil toch weten wat je zaait op het land, zo moet ik ook weten wat ik in de bus doe.”
De post brengt telkens een twist richting de grande finale: de veiling. Tot de verkoop draait het oude leven op het erf nog verder. De illegale radiozender, die met toestemming van de cafébaas mocht uitzenden, draait door. De zender heet Boemerang, het moet een verwijzing naar de Harfsense zender Casablanca zijn. Die zond ook uit op de middengolf, alleen in werkelijkheid vanuit de buurt De Koekkoek. De piraat werd opgerold en bestraft bij de Zutphense rechter. Hij heette Valkeman en het was dacht ik mijn vader (misschien weet ik dat wel zeker).
Halverwege het stuk kraken krakers uit Deventer ineens het pand. Het staat leeg, toch? Zo loopt de werkelijkheid het stuk weer binnen. Ik heb ze als kind zien lopen. Ze reden geen Puch, zoals in het stuk, maar op gele Honda’s MT. En het was veel later na die hele veiling. In het stuk zie je dat de komst van krakers rond die veiling de hamerslag nog spannender had gemaakt. De boeren met grondhonger krijgen ruzie met de waterpijpslurpers en Mozes Kriebel-figuren uit Salland.
En passant wordt een moord aangehaald, die bij De Drie Kieften gepleegd zou zijn. Moet je het daarom wel willen hebben? Ik dacht een mythe. Caramba, het blijkt toch te kloppen. Gerrit Klein Tesselink, die meespeelt, praat mij na afloop bij. “Mythe? Nee, nee. Val-ke-man. Rond 1750 is een landloper naar binnen gegaan en die sloeg de toenmalig uitbater, met een biele in zien kop, hartstikke kapot. Om de kas te kunnen stelen.” Als straf werd deze dief — Jacob Nissel — geradbraakt, aan de galg gehangen en onthoofd, lees ik in krantenarchieven.
Zo bloedig is Reuring Bie de Drie Kieften niet. Ik zou alle spoilers kunnen weggeven. Alle uitverkochte voorstellingen zijn immers geweest. Maar verdient dit stuk — waar oude trekkers, brommers en auto’s brommend zo het toneelveld op rijden — geen nieuwe voorstelling zodat u het zelf kan zien?









