Zwaleman
Zwaleman

Zwaleman | Luchtje

Luchtje

Dit is mijn eerste column in 2020 en hij heeft precies dezelfde titel als de eerste van 2019. Dat is natuurlijk geen toeval. Het komt doordat ik het over precies hetzelfde onderwerp ga hebben als een jaar geleden.
Toen ging het over onze paasvuren. Waarover het jaar daarvoor (in 2018 dus) de Randstedelingen hadden geklaagd. Ze waren namelijk in Rotterdam, Den Haag, Leiden, Gouda en Joost mag weten waar nog meer te ruiken geweest.
Nou was het jaar 2019 bijna begonnen met het platbranden van Den Haag omdat ze op het strand van Scheveningen een iets te hoog vreugdevuur hadden gebouwd. Of beter gezegd: omdat de toenmalige Haagse burgemeester Paulien Krikke te laf was om het aansteken van die veel te hoge stapel te verbieden. Ik prees toen in die column de Achterhoekse burgemeesters. Die veel nuchterder zijn en een paasvuur gewoon wél verbieden als dat bijvoorbeeld door langdurige droogte gevaar oplevert. Een kwestie van lef en leiderschap. Of, in het geval van Krikke en heel veel andere bestuurders en politici, een gebrek daaraan. Dus: wat vorig jaar in Scheveningen gebeurde, dat zouden we in de Achterhoek nooit meemaken.

Nee, inderdaad niet. Want het begint er sterk op te lijken, dat er binnenkort helemaal geen vuren meer branden op Eerste Paasdag. 'Einde dreigt voor een traditie' stond op Oudejaarsdag boven een artikel in Tubantia. Een teveel aan regels zou de nekslag betekenen voor de paasvuren, begreep ik toen ik verder las. Nu ging dat artikel alleen over de gemeente Berkelland, maar ik vrees dat de zaken in alle andere Achterhoekse gemeenten niet veel anders liggen. En ja, dan ziet het er inderdaad niet zo goed uit voor de liefhebbers van deze eeuwenoude folklore.
Berkelland wil toe naar een drastische vermindering van het aantal paasvuren, stond in de krant te lezen. En in een bijeenkomst met paasvuurbouwers uit de hele gemeente was al snel gebleken hoe de gemeente dat wil bereiken. Door het aanscherpen van de regels. Maar dan op een dusdanige wijze, dat het volgens de paasvuurbouwers praktisch onmogelijk wordt om nog een geschikte plek voor de 'baoke' te vinden.
Natuurlijk is het allemaal een kwestie van veiligheid. Tenminste, dat beweert de gemeente. Maar ik vraag me af, waarom er opeens veel strengere regels moeten komen. Terwijl er rond de paasvuren toch eigenlijk nooit iets ernstigs is gebeurd. Domweg omdat de paasvuurbouwers heel goed weten wat ze doen en al lang hebben bewezen een groot verantwoordelijkheidsgevoel te hebben. Eigenlijk zijn die strengere regels een motie van wantrouwen. Stelt de gemeente de paasvuurbouwers op één lijn met dat volk uit Scheveningen. (Relschoppers en brandstichters, hebben we de afgelopen weken gezien).
Conclusie: Onnodig dus, die extra regels. En dan komt er opeens een ietwat boze gedachte in me op. Ik ruik opeens weer datzelfde luchtje als een jaar geleden. Gaat het eigenlijk wel echt om onze veiligheid? Of is het meer het hachie van onze ambtenaren en bestuurders, dat in het geding is?
Zeker in Berkelland hebben we de laatste jaren gezien dat je als gemeentebestuurder een enorm scheve schaats kunt rijden, zonder daarvoor te worden afgestraft. Maar er zijn natuurlijk grenzen aan wat de samenleving pikt. En stel nou, dat een paasvuur in pakweg Lochuizen een grote brand veroorzaakt. Moet dan, net als zijn collega Krikke ook Joost van Oostrum van Berlkelland aftreden? Of een van zijn wethouders? En is het de angst daarvoor hen plots in de voorraadpot met regeltjes doet grijpen? Dat kan ik natuurlijk onmogelijk hard maken. Maar toch, ik ruik iets….

Meer berichten
 

Dagelijks het laatste nieuws in je mailbox ontvangen?

Aanmelden